ZONDER FOCUS MAKEN WE ONSZELF DOM

Onlangs sprak Mark Tuitert in zijn podcast met neuropsychloog en schrijver Mark Tigchelaar over zijn boek ‘Focus aan/uit’. In dit boek schrijft Tigchelaar over de wereld van versplinterde aandacht. Afdwalen tijdens gesprekken, aan het einde van de pagina erachter komen dat je eigenlijk geen idee meer hebt waar de tekst over ging en moeite met in slaap vallen omdat je hoofd blijft doortollen. Wanneer we geen grip op onze aandacht hebben, waaien we met alle winden mee, kost het meer tijd om ons werk te doen en neemt de stress toe. Op de lange termijn vergroot het zelfs de kans op een burn-out. In deze blog geven we een samenvatting van de podcast en leggen we de 4 concentratielekken bloot en komen we met een aantal concentratie bevorderende tips om jouw focus te vergroten.

 

 Het hebben van focus kan soms een uitdaging zijn, maar er kunnen stappen worden gezet om je focus te vergroten. Op een gemiddelde dag worden we gebombardeerd met naar schatting 34 gigabyte aan informatie. Ondertussen worden kantoormedewerkers om de 11 minuten onderbroken, terwijl het gemiddeld 25 minuten duurt om terug te keren naar de taak waaraan ze werkten vóór de onderbreking. Het is daarom geen verrassing dat ons concentratievermogen verwelkt door deze eindeloze afleidingen.

 Tigchelaar: „We leven in een kenniseconomie, maar ons brein wordt constant aangevallen door allerlei afleidingen. De winnaars van het komende decennium zijn de mensen die hun aandacht goed managen.”

 

Hieronder staan de vier meest voorkomende concentratielekken uitgelegd.

  1. Te weinig prikkels

Het menselijk brein is best geniaal. We denken in gemiddeld 1400 woorden per minuut en we kunnen gemiddeld 200 woorden per minuut lezen. Dus wanneer iets te simpel is, krijgen we te weinig prikkels binnen en als we te weinig geprikkeld worden, gaat ons brein onbewust vanzelf op zoek naar nieuwe signalen. Dit komt omdat veel van onze taken maar 20 procent van onze denkcapaciteit vragen. Kort door de bocht: hoe slimmer je bent, hoe sneller je afgeleid bent. 

 

Zo ga je om met te weinig prikkels:

  • Maak de taak moeilijker. Geef jezelf bijvoorbeeld een strakke deadline, zodat je sneller moet werken. Of wanneer je in slaap valt onder het lezen, ga dan een tandje harder lezen. Je zult zien dat je nu niet in slaapt valt en de tekst beter opneemt.
  • Vul de leegte door te multitasken. Combineer je taak met iets simpels waarbij je niet actief hoeft na te denken. Zoals wandelen, schoonmaken of tekenen.

 

Let op: multitasken is niet hetzelfde als switchtasken.

Simpele figuurtjes tekenen terwijl je belt? Multitasken. Tijdens dat telefoontje nog vlug een e-mail over een ander onderwerp sturen? Dat is switchtasken. De vuistregel: heb je door dat je twee dingen tegelijk doet? Dan is het switchtasken. En ook al denk je dat je even geconcentreerd blijft tijdens dat switchen, onderzoek na onderzoek wijst uit dat dat niet zo is. We maken in beide taken meer fouten en doen er vier tot tien keer langer over om ze af te ronden. Dus stop met switchtasken.

 

  1. Te veel interne prikkels

Heb je soms het gevoel dat je hoofd veel te vol zit? Dat is ook zo. Het grootste concentratielek zit in onszelf: onze overvloed aan interne prikkels. Volgens Tigchelaar zijn er twee manieren om daarmee om te gaan;

  1. Vermijd dat je hoofd vol loopt, door minder van taak te wisselen.
  2. Maak je hoofd regelmatig leeg 

Elke keer we van taak wisselen of ‘switchtasken’, krijgen we nieuwe prikkels en voelen we een rush. En dat doen we vaak: gemiddeld 566 keer per dag. Dat is elke 50 seconden. Ons brein is er verslaafd aan en als je stopt, zal je dus ook last hebben van afkickverschijnselen. Maar bijt door en je wordt beloond, want je krijgt meer gedaan en je voelt je meer voldaan aan het einde van de dag.

 

Zo kick je af van taakwisselingen:

Beslis wat je niet gaat doen. Laat je niet leiden door je to-do-lijst. Want dan is het verleidelijk om eerst alle kleine taakjes af te vinken. Bedenk ‘s morgens: wat moet ik vandaag doen zodat ik met een voldaan gevoel naar huis ga? Zet maximaal drie taken op die lijst. En begin je dag daarmee. Bundel daarnaast taken op ‘breinactiviteit’, niet op project. Bijvoorbeeld: schrijftaken in de ochtend, telefoongesprekken in de namiddag. Of wat best past bij jouw energiepieken.

 

Zo maak je je hoofd leeg:

  • Schrijf alles op. Alles wat in je opkomt en niet te maken heeft met je huidige taak. Check die ‘verzamelbak’ minstens één keer per dag en beslis dan wat je ermee doet.
  • Zet een wekker om op tijd te vertrekken. Dan check je niet (onbewust) elke minuut de klok, maar kun je gewoon doorwerken tot je alarm gaat.

 

  1. Te weinig brandstof

Hoe meer je werkt, hoe meer je gedaan krijgt. Toch? Neen. Er is een tipping point: vanaf een bepaald moment kost je vermoeidheid je meer dan dat die extra werktijd je oplevert. Want als je te weinig brandstof hebt, werkt je filter niet meer zo goed en komen prikkels veel harder binnen. En is het moeilijker je focus te houden.

 

Zo breng je je brandstof weer op peil:

Pauzeer. De tijd die je verliest met een pauze is kleiner dan het productiviteitsverlies als je doorwerkt. Probeer eens de Pomodoro-techniek: werken en pauzeren met een kookwekker (of een digitale timer).

– Simpele taken: 25 minuten werken, 5 minuten pauze
– Complexere taken: 90 minuten werken, 15 minuten pauze

  • Pauzeer met open aandacht. In een goede pauze neem je geen nieuwe informatie op. Je gedachten dwalen even af. YouTube, Instagram of een podcast zijn dus géén goede pauzes. Voorbeelden van goede pauzes zijn uit het raam staren, een ommetje doen of een glas water halen.
  • Werk minder uren. In een Stanford-onderzoek was de groep die 60 uur per week werkte 30 procent minder productief dan de groep die 40 uur werkte. De werkdag van 8 uur is achterhaald, zegt Tigchelaar. Dat idee komt nog van de tijd dat we in de fabriek werkten. Voor denkwerk mag je al blij zijn met vier enigszins geconcentreerde uren per dag.

 

  1. Te veel externe prikkels

Werk je in een kantoortuin of landschapsbureau? Hoe vlot kun je je daar focussen? Of heb je weleens last van concentratielek 4: te veel externe prikkels? De kans is groot dat je regelmatig uit je concentratie wordt gehaald. En dat heeft meer impact dan je denkt:

  • Na een onderbreking heb je al snel 15 tot 25 minuten nodig om er weer in te raken
  • Gebeurt dit meerdere keren? Dan maak je gemiddeld 20 procent meer fouten
  • We worden per dag gemiddeld 500 keer onderbroken
  • Daardoor zitten we elke dag 1,5 tot 2 uur extra op kantoor

Toch stelt Tigchelaar niet voor om de kantoortuin zomaar af te schaffen. Want met een paar duidelijke afspraken kom je al heel ver.

 

Zo maak je goede afspraken voor gefocust werken:

  • Kies één kanaal voor dringende berichten. Alle andere berichten via andere kanalen.
  • Laat iedereen zijn telefoon op stil zetten.
  • Thuiswerken: werk minstens één dag per week niet op kantoor.
  • Stilteblokken: spreek bijvoorbeeld af dat het elke dag tussen 10 en 12 uur stil is.

Dit laatste concentratielek kan je natuurlijk niet op je eentje oplossen. Daarvoor moet je overeenkomen met je bazen en collega’s. Dus breng het eens ter sprake. En probeer in de tussentijd eens wat tips uit voor de andere concentratielekken.

 

Wil je de hele podcast over dit onderwerp luisteren?

Klik dan hier voor de podcast van Mark Tuitert met Mark Tigchelaar.

Laat een reactie achter

Opmerkingen moeten worden goedgekeurd voordat ze worden gepubliceerd